Terug | Printversie | Naar vriend mailen

Zoon van...
De kit
Onder de motorkap vertrekt men van de basis-Cooper S. De cilinderkop wordt vervangen door eentje met kanalen met een iets groter debiet. Ook de compressor wordt geruild voor een straffer exemplaar. Het voornaamste verschil zit hem in de diameter van de riemschijf. Door een kleinere poelie te gebruiken, stijgt het toerental en dus ook de laaddruk van de luchtcompressor. Deze aanpassingen tillen het vermogen van de Works-Cooper S naar 200 pk. Als dat niet volstaat, kan je nog een upgrade kopen. Dan vervangt men ook de injectoren en het luchtfilter. In die trim perst de Mini er zelfs 210 pk’s uit.
(03/10/2005)
Mini Cooper S Works - The Pacemaker

Sinds de lancering van de kleine guitige Mini heeft hij het hart van vriend en vijand veroverd. Deed de komst van de Cooper S menig hart sneller slaan, dan mag je de jongste kit van JCW een heuse pacemaker voor het Mini-hart noemen. Om van de wat brave Cooper een Cooper S te bouwen, haalde BMW een typisch Britse oplossing uit de toverdoos. Op de vier cilinder werd een Roots-compressor geschroefd. Het geeft de “S” zijn typisch jankende sound die aanzwelt naarmate de naald van de toerenteller klimt. De BMW-oefening is goed voor 163 pk. Toegegeven in werkelijkheid puurt hij 170 uit het blokje maar om fiscaaltechnische redenen werd het Minimotortje gekneveld op 163 pk. Een meer dan verdienstelijk vermogen voor de kleine stadsrakker. Maar geloof ons alles kan beter.
Zoon van...
De namen Cooper en Mini verhouden zich tot elkaar als Romeo en Julia. John Cooper was in de jaren vijftig en zestig een getalenteerd tuner die aanvankelijk racewagens bouwde voor circuitgebruik. Pas toen hij zich om de kleine, ogenschijnlijk banale Mini ging bekommeren, werd hij onsterfelijk. Hij prepareerde de kleine karretjes voor moordende rallies als de Monte Carlo en ook op circuit konden de kleine, guitige racers hun mannetje staan. John Cooper was voor enkele jaren nog in Silverstone voor de 40ste verjaardag van de (oude) Mini en daar werd reeds een tipje van de sluier van de (huidige) Mini gelicht. De man heeft het succes dat zijn geesteskind vandaag kent, niet meer mogen meemaken. Anno 2005 neemt uitgerekend zijn zoon, Mike Cooper, de fakkel van hem over. Toen Mike ons recent de sleutels van een door hem geprepareerde Cooper S “JCW” overhandigde was hij kort: “Have fun!”
Stap in
Eens je het portier van de Mini opent, kijk je op uitnodigend sportmeubilair. De stoelen zijn erg omvattend en in tegenstelling tot de hedendaagse trend sluiten ze ook nauw aan, zelfs wanneer je nog geen twintig jaar “ervaring” met je meedraagt in de autosector. Het stuur is net zoals bij elke Mini keurig recht in te stellen dus een sportieve rijhouding is zo gevonden. Het plastic rond de centrale teller is voor de gelegenheid afgewerkt in carbon. Eens je de sleutel omdraait, komt de 1,6 tot leven. Hij klinkt een beetje rauwer dan wat we in de “basic”-Cooper S ervoeren. Een streling van het gaspedaal maakt de jankende kat wakker. Dit belooft leuk te worden. Langs de buitenkant valt vooraan ter hoogte van de grille en achter op de kofferklep het “JCW”-labeltje op. De dubbele centrale uitlaat krijgt discrete insignes van zijn fabrikant.
Eens je het portier van de Mini opent, kijk je op uitnodigend sportmeubilair. De stoelen zijn erg omvattend en in tegenstelling tot de hedendaagse trend sluiten ze ook nauw aan, zelfs wanneer je nog geen twintig jaar “ervaring” met je meedraagt in de autosector. Het stuur is net zoals bij elke Mini keurig recht in te stellen dus een sportieve rijhouding is zo gevonden. Het plastic rond de centrale teller is voor de gelegenheid afgewerkt in carbon. Eens je de sleutel omdraait, komt de 1,6 tot leven. Hij klinkt een beetje rauwer dan wat we in de “basic”-Cooper S ervoeren. Een streling van het gaspedaal maakt de jankende kat wakker. Dit belooft leuk te worden. Langs de buitenkant valt vooraan ter hoogte van de grille en achter op de kofferklep het “JCW”-labeltje op. De dubbele centrale uitlaat krijgt discrete insignes van zijn fabrikant.
De kit
Onder de motorkap vertrekt men van de basis-Cooper S. De cilinderkop wordt vervangen door eentje met kanalen met een iets groter debiet. Ook de compressor wordt geruild voor een straffer exemplaar. Het voornaamste verschil zit hem in de diameter van de riemschijf. Door een kleinere poelie te gebruiken, stijgt het toerental en dus ook de laaddruk van de luchtcompressor. Deze aanpassingen tillen het vermogen van de Works-Cooper S naar 200 pk. Als dat niet volstaat, kan je nog een upgrade kopen. Dan vervangt men ook de injectoren en het luchtfilter. In die trim perst de Mini er zelfs 210 pk’s uit.
Rijden
Aan het stuur merk je dat het hier allemaal nog een stukje scherper aan toegaat. De sturing is zo direct dat de wagen haast nerveus gaat reageren. Een en ander wordt gecounterd door de sportievere afstelling van vering en remmen. Het onderstel krijgt kortere veren en iets andere dempers. Wie wil, kan ook nog een bovenliggende stabilisator hebben die de veerpoten met elkaar verbindt. Het leuke is dat het karakter dat je in gelijk welke Mini vindt, hier wordt uitvergroot. Zolang je het DSC (stabiliteitsprogramma) laat opstaan, blijft het allemaal heel beschaafd maar als je deze pretknop op “uit” zet, kan je echt gaan spelen. Het uitzonderlijke aan de wagen is dat de achteras in snelle, bochtige passages een handje meehelpt. Gaat een doordeweekse voorwielaandrijver gewoon ondersturen (over de voorwielen schuiven), blijft de Mini keurig in koers en schuift hij achteraan zelfs een beetje zodat je nog efficiënter en sneller door de bocht komt. Leuk is ook de muziek die met deze rijstijl gepaard gaat. Vanaf 4.500 opm wordt het binnenin een echte machinekamer. Dat heeft niet enkel met de motorkarakteristiek te maken. Omdat men naar de buitenwereld toe een aanvaardbaar geluidsniveau moest respecteren, gaat er vanaf 4.500
Aan het stuur merk je dat het hier allemaal nog een stukje scherper aan toegaat. De sturing is zo direct dat de wagen haast nerveus gaat reageren. Een en ander wordt gecounterd door de sportievere afstelling van vering en remmen. Het onderstel krijgt kortere veren en iets andere dempers. Wie wil, kan ook nog een bovenliggende stabilisator hebben die de veerpoten met elkaar verbindt. Het leuke is dat het karakter dat je in gelijk welke Mini vindt, hier wordt uitvergroot. Zolang je het DSC (stabiliteitsprogramma) laat opstaan, blijft het allemaal heel beschaafd maar als je deze pretknop op “uit” zet, kan je echt gaan spelen. Het uitzonderlijke aan de wagen is dat de achteras in snelle, bochtige passages een handje meehelpt. Gaat een doordeweekse voorwielaandrijver gewoon ondersturen (over de voorwielen schuiven), blijft de Mini keurig in koers en schuift hij achteraan zelfs een beetje zodat je nog efficiënter en sneller door de bocht komt. Leuk is ook de muziek die met deze rijstijl gepaard gaat. Vanaf 4.500 opm wordt het binnenin een echte machinekamer. Dat heeft niet enkel met de motorkarakteristiek te maken. Omdat men naar de buitenwereld toe een aanvaardbaar geluidsniveau moest respecteren, gaat er vanaf 4.500
toeren een klepje open tussen motorruimte en interieur. Zo klinkt de Mini nog verslavender zonder dat je buurman hoeft mee te “genieten”. De sportuitlaat filtert ook minder weg. Vooral bij gas lossen en terugschakelen, zijn de doffe ploffen ter hoogte van de koffer erg leuk.
Voor junior, door senoir
De Mini is zondermeer een speeltje voor het trendy jonge volkje. De “S” en dan vooral deze Works-oefening is daar geen uitzondering op. Spijtig genoeg is hij prijstechnisch meer geschikt om een midlifecrisis. Je moet immers rekenen dat een basis-S al 23.600 € kost. De Works-oefening kost je meteen nog enkele duizenden euro’s en dan heb je niet eens door de ellenlange optielijst gewandeld.
De Mini is zondermeer een speeltje voor het trendy jonge volkje. De “S” en dan vooral deze Works-oefening is daar geen uitzondering op. Spijtig genoeg is hij prijstechnisch meer geschikt om een midlifecrisis. Je moet immers rekenen dat een basis-S al 23.600 € kost. De Works-oefening kost je meteen nog enkele duizenden euro’s en dan heb je niet eens door de ellenlange optielijst gewandeld.
Technische steekkaart
Mini Cooper S Works
Motor: 1.598 cc, viercilinder benzinemotor, 4 kleppen per cilinder, compressor
Vermogen: 155 kW ( 210 pk) bij 6.950 opm
Maximum koppel: 245 Nm bij 4.500 opm
Acceleratie (0 tot 100 km/u): 6,6 sec
Verbruik: 11,5 l/100 km
CO2 emissie: 207 gr/km
Topsnelheid: 230 km/h
Fiscaal vermogen: 9 pk
Prijs: ong. 30.000
Motor: 1.598 cc, viercilinder benzinemotor, 4 kleppen per cilinder, compressor
Vermogen: 155 kW ( 210 pk) bij 6.950 opm
Maximum koppel: 245 Nm bij 4.500 opm
Acceleratie (0 tot 100 km/u): 6,6 sec
Verbruik: 11,5 l/100 km
CO2 emissie: 207 gr/km
Topsnelheid: 230 km/h
Fiscaal vermogen: 9 pk
Prijs: ong. 30.000
(03/10/2005)


